HET REPUBLIKEINS GENOOTSCHAP

____________






Makkelijk hebben ze het niet, de leden van onze koninklijke familie. Nu moesten ze weet in actie komen omdat ze het voortdurende
gespeculeer over hun ´mega-vermogen´ beu zijn.
De Rijksvoorlichtingsdienst kwam gelukkig te hulp en zette drie pagina´s extra op www.koninklijkhuis.nl.
Hans van den Bergh en Pierre Vinken, de auteurs van Klein Republikeins Handboek
100 misverstanden over de monarchie, hebben zich een ongeluk gelachen.
Wie op de site ´vermogen´ aanklikt, komt namelijk niets te weten over het vermogen van de Oranjes.
Met gepaste trots wordt de ´Wet Melding Medezeggenschap´ (de RVD bedoelt waarschijnlijk de Wet Melding  Zeggenschap) aangehaald:
´Op grond van deze wet is vast te stellen dat geen der leden van de koninklijke familie meer dan 5 procent van de aandelen in
beursgenoteerde ondernemingen bezit.´
O nee? Misschien hebben ze hun aandelen wel niet gemeld. Gebeurt heel vaak.
Misschien hebben ze hun aandelen in buitenlandse ondernemingen.
De wet geldt namelijk alleen voor aan de beurs van Amsterdam genoteerde bedrijven (Koninklijke Olie is dat, maar Shell bijvoorbeeld niet).
En als tien leden van het koningshuis zich inderdaad beperken tot belangen die niet groter zijn dan 4,9 procent, dan komen ze samen nog altijd op 49 uit.
´Het is´, stelt Van den Bergh, ´niet meer dan een klungelige poging om ons zand in de ogen te strooien.´

Alain van der Horst, HP/DeTijd, 7 juni 2002.

____________