HET REPUBLIKEINS
GENOOTSCHAP
____________
Eerlijkheid gebiedt te zeggen dat Fortuyn niet bepaald een mensenkenner was, eerder een artistiek narcist
die mij soms in wanhoop toekefte: ´Maar ik moet wèl naar het Catshuis!´ Al was
het maar omdat Majesteit
zo de pest aan hem had.
Gut, wat zou dat een mooi gezicht zijn geweest; een balende koningin met prins Pim van de Republiek op het bordes.
Niet sinds de dagen van Janneke
Brinkman − die van die
aardige bloemstukjes schilderde en Majesteit ook
naar de kroon stak met haar in het openbaar uitgesproken wens om aan de arm van
premier Eelco het Catshuis
te mogen betreden −
enfin, niet sinds Majesteits grote liefde Lubbers
toen zijn actie was begonnen om partijgenoot Brinkman af te branden, niet sinds
die dagen van
Glorie & Gehoorzaamheid, had Beatrix zo´n hekel gehad aan een politicus als
aan deze Goddelijke Kale.
Wat had ik hem die zure glimlach van het schepsel graag gegund.
´Ik ga met een das van het Republikeins Genootschap,´ kondigde hij aan. ´Is
daar een das van dan?´
Theo van Gogh, PIM, september 2002.
____________