HET REPUBLIKEINS GENOOTSCHAP

____________







De vrome woorden van de koningin over armoede en uitsluiting in haar kersttoespraken staan in elk geval in schril contrast met
een bepaalde vorm van Oranje-inhaligheid, die bestaat uit de ook vandaag weer gebleken gewoonte om vrijwel alle familiefestiviteiten
 uit de belastinggelden van de ingezetenen te financieren, en de eventuele tekorten dan aan te vullen met hulp
van het voor ´culturele´ projecten bedoelde Prins Bernhard Fonds.

 

Thomas von der Dunk, Vrij Nederland, 2 februari 2002.

____________