HET REPUBLIKEINS GENOOTSCHAP

____________






Als iets duidelijk wordt in de discussies over de monarchie, dan is het wel dat het Orangisme
thuishoort in de categorie van de politieke pathologie.

De monarchie vormt anno 2000 een merkwaardig verschijnsel, dat in strijd lijkt met de rationaliteit
van de West-Europese samenleving, in het polderland van de no-nonsense-politiek bovenal.
Het is een relict uit een tijd dat velen nog in prinsen en pausen geloofden, in de veronderstelling
dat zij krachtens hoge geboorte of goddelijke genade beschikten over een
paranormaal verstand. Nog steeds gaat de monarchie gepaard met Jomanda-achtige
bijwerkingen en de Oranje-gekte blijkt zich daarbij geenszins tot het koekhappende deel
der natie te beperken, maar zich bij tijd en wijle ook aan de hersenschors
van doorgaans intelligente mensen te hebben vastgehecht.

Veel problematischer dan de monarchie zijn immers vanouds de monarchisten,
en het zijn de monarchisten die de monarchie tot een democratisch probleem maken door
geen republikeinen te zijn. Zou de koningin slechts door volwassen burgers zijn omgeven,
dan was er niet zoveel aan de hand.
Helaas heeft de Nederlandse natie nog niet dat stadium van rijpheid bereikt.
Integendeel, velen blijken het bestaan van Kamerlid met dat van kamerheer te verwarren.

 

Thomas von der Dunk, NRC Handelsblad, 22 april 2000.

____________