HET REPUBLIKEINS GENOOTSCHAP
____________
Maar afgezien van het inhumane van dat hoge ambt, er
zitten nog heel wat meer akelige kantjes aan.
Het pure feit van de monarchie leidt tot een onaanvaardbare
tweedeling in de samenleving: aan de ene kant één uitzonderlijke
familie omringd door wat zo kenmerkend de ´hofhouding´ heet: een groep fletse
freules en hielenklakkende kamerheren,
en daar diep beneden hen de gewone mensen die al even kenmerkend ´onderdanen´ heten,
met alles wat dat aan onderdanigheid en lakeiengedrag met zich meebrengt.
De fout is nu dat de koningin nog deel uitmaakt van de regering en grote
invloed uitoefent, zonder dat er controle mogelijk is
op de manier waarop zij die macht gebruikt. En dat is nu eenmaal onverenigbaar
met het basisprincipe van de
democratie: iedereen die iets te zeggen heeft, moet men daarover ter
verantwoording kunnen roepen.
Alleen met die ene mevrouw in dat Haagse paleis kan dat niet.
E.D. Dekker,
Algemeen Dagblad, 26 februari 1997
____________