HET REPUBLIKEINS GENOOTSCHAP

____________







In Het Parool las ik dat er 1280 'geaccrediteerde royalty-watchers' in Amsterdam aanwezig zijn:
287 technici, 250 fotografen, 230 schrijvers, 60 radiomakers, 430 tv-verslaggevers,
'en nog wat  journalisten wier taak niet geheel duidelijk is geworden'.
230 Schrijvers? De ledenlijst van de Vereniging van Letterkundigen staat me op dit moment niet helder voor ogen,
maar ik betwijfel of Nederland over zoveel schrijvers beschikt.
En zeker niet geaccrediteerd door de BVD en het Oranjehuis.
Leon de Winter zal er wel niet bij zijn. Zoals leden van de koninklijke familie tegenwoordig in Hongarije op zwijnen jagen,
heeft hij in een Berlijnse krant een paar schoten hagel afgevuurd richting Soestdijk.
Dat is hem niet in dank afgenomen door de Rijksvoorlichtingsdienst, die zijn uitingen 'grof, smakeloos en beledigend' vindt,
zodat hij de eerste schrijver is die kan bogen op een recensie van de RVD.
Het deed denken aan de reacties destijds op Ik, Jan Cremer.
Nu de Oranjes met veel vertoon van macht Amsterdam onveilig maken, heeft de burgemeester van Amsterdam
een 'Noodverordening Koninklijk Huwelijk' uitgevaardigd.
Terecht, zou je zeggen, als uit de noodverordening niet bleek dat de maatregelen tegen de eigen bevolking zijn gericht.
Er is sprake van een eerste ring en een tweede ring (in het hart van de stad of iets verderop).
'Het is verboden zich op daken van gebouwen gelegen in de eerste of tweede ring dan wel langs de route van de rijtoer te bevinden',
verordonneert de burgemeester. Dichtgespijkerde ramen heeft men niet aan gedacht.
De Amsterdammers mogen ook 'geen voorwerpen in ontvangst nemen dan wel in bezit hebben die een gevaar
voor de veiligheid opleveren'.
Vaarwel mes en vork. Verboden. Het blijft een naar machtswoord, zeker als je om al die heisa niet gevraagd hebt.
De dwingelandij van de Oranjes maakt Amsterdam opnieuw tot een bezette stad.
Leve de Republiek!

Remco Campert, de Volkskrant, 1 februari 2002.

____________