HET REPUBLIKEINS GENOOTSCHAP
Laten we - om tot een goed begrip van de zaak te komen wetenswaardigheden
eens op een rijtje zetten
en dan doen alsof we het over een bloedeigen familielid hebben. Laten we zeggen:
over een tante.
En dan meer in het bijzonder over een tante die dweept met een mevrouw die in
paranormaal contact
zegt te staan met, achtereenvolgens, een overleden kippenfokker en de Zoon van
God, die een uiterst
solide huwelijksband heeft met een frequent overspelige en ook in financieel
opzicht niet geheel
betrouwbare echtgenoot, die meent af te stammen van een kinderloos gestorven
familielid, die een
hondje heeft dat vrijelijk zijn behoefte mag doen op het tapijt en die er hartstochtelijk
voor pleit om
de Nederlandse gevangenispopulatie collectief op vrije voeten te stellen. Hoe
zouden we zo'n
denkbeeldige tante typeren?
Het hoge woord moet er maar uit: Nederland heeft tussen 6 september 1948 en
30 april 1980
een koningin annex staatshoofd gehad bij wier toerekeningsvatbaarheid vraagtekens
gezet kunnen worden.
Al die jaren was ze voorzitter van de Raad van State, benoemde ze kabinets(in)formateurs
en vertegenwoordigde ze ons land op staatsbezoeken. En al die jaren verzuimden
zelfs de meest
doorgewinterde koningshuis-watchers het vermoeden te formuleren dat er aan Juliana's
mentale
welbevinden reeds iets haperde ruim vóór de Rijksvoorlichtingsdienst
in 1998
bekendmaakte dat ze leed aan 'acute verwardheid'.
Oud-premier Van Agt komt de eer toe dat dit taboe nu is geslecht. Of was het
toch VPRO-televisiemaker
Wim T. Schippers die de primeur had? In zijn onlangs op dvd uitgebrachte Barend
Servet-shows
figureerde in 1972 een juliana-lookalike die gezeten in een paleisdecor spruitjes
schoonmaakte
("Dat is een van de karweitjes die ik me, als het even kan, niet uit handen
laat nemen"), sherry liet
aanrukken ("Ober!") en op een wc-deur stond te bonken ("ja, een
koningin moet ook wel eens").
Het leverde de VPRO destijds een ministeriële berisping op wegens majesteitsschennis.
Maar inmiddels
kan iedereen weten: reality was stranger than fiction.
Roelof Bouwman, HP/DeTijd, 30 mei 2008
____________